Gezocht: portretten door Berend Kunst

De uit Nieuwolda afkomstige bakkerszoon Berend Kunst (1794-1881) ontdekte een gat in de markt: pastelportretten die veel sneller en goedkoper waren te maken dan portretten in olieverf. Als rondreizend ‘pourtraitschilder’ maakte hij zo van vele notabelen en vaak ook hun vrouw en kinderen een portret. Vijftig jaar lang, van 1823 tot 1873, legde hij de namen van de geportretteerden vast in een schriftje.

In de stamboom van de familie Meursing, die door mr A.H. Stikker in 1958 is gepubliceerd, staan van enkele personen portretten afgebeeld. Twee daarvan zijn onderstaande portretten van scheepsbouwer Emmo Hooite Meursing en zijn eerste echtgenote Heike Eppens (zij overleed in 1857). Iemand heeft in mijn exemplaar hier heel klein B. Kunst bij geschreven. Dus ging ik op zoek wie dat was.

In het schrift of werkboekje van Berend Kunst, dat online is te raadplegen, komen inderdaad Emmo en Heike voor. Ook blijkt daaruit dat drie van hun kinderen zijn geportretteerd samen met hun moeder.

Emmo Hooites Meursing, 1822-na 1882, scheepsbouwer te Hoogezand
Heike Eppens, 1826-1857, eerste echtgenote van Emmo Hooites Meursing
Eppo Hendrik Meursing, Hoogezand 1854-…., kind van Emmo Hooites Meursing en Heike Eppens
Hooite Wicher Meursing, Hoogezand 1857-…., kind van Emmo Hooites Meursing en Heike Eppens
Jantje Meursing, Hoogezand 1851-…., kind van Emmo Hooites Meursing en Heike Eppens

Van deze 5 portretten is onbekend waar zij zich bevinden. Het moeten kleurige portretten zijn, als we ander werk van Berend Kunst zien.

Wie oh wie weet waar deze originele portretten zich bevinden of heeft een tip? Laat het weten! Ik zou ze graag op deze website opnemen.

Eerste pagina van het 80 pagina’s tellende schrift waarin Berend Kunst al zijn portretten van 1823 tot 1873 noteerde. Bron: www.wazamar.org

Was Wicher Hooite Meursing ook fotograaf?

Dat scheepsbouwer Jan Frederik Meursing (1855-1930) fotografeerde in zijn vrije tijd is in redelijk wat bronnen beschreven. Zijn foto’s zijn met enige regelmaat te zien op tentoonstellingen over fotografie, zoals in het Gemeentearchief Amsterdam (Amsterdam 1900) en het Scheepvaartmuseum (Drijfveer, Game changers).

Er zijn aanwijzingen dat zijn vader Wicher Hooite Meursing (1821-1902) ook al fotografeerde. Dit komt nog nergens in de literatuur naar voren.

Zo heeft Wicher Hooite op onderstaande foto vrijwel zeker een zelfontspanner in zijn rechter hand. Deze foto heeft hij dus waarschijnlijk zelf genomen.

Reproductie van een foto van Wicher Hooite Meursing uit plakboek 1 van Jan Frederik Meursing. Er is geen jaartal vermeld, maar gezien zijn leeftijd (naar schatting rond de 40) zou de foto van rond 1860 kunnen zijn, de periode waarin Jacob Olie actief was. Collectie familie Meursing.

Dan is er nog een tweede aanwijzing. Jacob Olie (1834-1905), de inmiddels bekende vroege Amsterdamse amateurfotograaf, woonde en fotografeerde in de buurt van het woonhuis van Wicher Hooite en zijn werf De Nachtegaal op het Bickerseiland. Vermoedelijk heeft Jacob Olie rond 1862-63 foto’s van het Bickerseiland gemaakt vanuit het woonhuis van Wicher Hooite (C). Zij hebben elkaar dus waarschijnlijk gekend. De activiteiten van Jacob Olie met zijn camera kunnen heel goed de nieuwsgierigheid van Wicher Hooite hebben gewekt en hij heeft het fotograferen wellicht van hem geleerd.

Drie foto’s van Jacob Olie uit de periode 1862-63 laten zien dat Jacob Olie en Wicher Hooite Meursing elkaar gekend moeten hebben. Foto A is genomen vanaf de Zandhoek, op de achtergrond zijn schepen bij werf de Nachtegaal te zien. Foto B is genomen vanuit de woning van Jacob’s halfbroer Carel Guustaaf Olie op de Grote Bickerstraat 4. Geheel links op deze foto het huis van Wicher Hooite, Haarlemmer Houttuinen 105. Vanuit dit huis moet foto C zijn gemaakt, waarop het Bickerseiland met de Eilandskerk (gesloopt in 1950).

In het magazijn van het Scheepvaartmuseum in Amsterdam wordt een collectie van glasdia’s en negatieven van de scheepsbouwers Meursing bewaard. Op een groot formaat glasnegatief viel mij op dat daarop de letters WHM staan geschreven. Zou dit kunnen betekenen dat deze opnamen niet door Jan Frederik maar door zijn vader Wicher Hooite zijn gemaakt? Hij was toen 70 jaar en had misschien zijn grote veldcamera goed bewaard.

Glasnegatief uit de serie foto’s van de bouw van de clipper Van Galen (1891) met op de rand van het negatief de initialen WHM. Collectie Scheepvaartmuseum Amsterdam.

De aanwijzingen dat ook Wicher Hooite Meursing fotografeerde zijn indirect, maar voldoende aanleiding om hier verder onderzoek naar te doen.

Baarn op de wereldzeeën (3)

Op de website Groenegraf.nl en in de Baarnse Courant van 21 oktober 2019 staat een uitgebreid artikel over de scheepsbouwers en reders Meursing en hun relatie tot Baarn. Het artikel is deel 3 in de reeks ‘Baarn op de wereldzeeën’ en geschreven door Ed Vermeulen, die zelf in een later tijdperk inscheepte op schepen van de Rotterdamse rederij Van Nievelt, Goudriaan & Co’s Stoomvaart Mij (zie deel 1 en deel 2). Het artikel is deels gebaseerd op informatie van deze website, welke ook de bron is voor een aantal illustraties.

Lees het artikel:
Baarn op de wereldzeeën (deel 3); Van scheepsbouwer tot reder: de Meursings en de bark Baarn

Composietbark ‘Baarn’ (1879-1899) gebouwd op werf De Nachtegaal te Amsterdam, scheepsbouwmeester en reder J.F. Meursing, Amsterdam.
Foto Jacob Olie, 1 augustus 1895. Collectie Stadsarchief Amsterdam.

Schoener Willem Barents in Museum Mesdag

In 1880 reisde de Haagse kunstenaar Louis Apol (1850-1936) met de schoener Willem Barents mee met een poolexpeditie naar Nova Zembla. Apol behoort tot de Haagse School en was specialist op het gebied van Hollandse winterlandschappen. Tijdens zijn verblijf van vier maanden aan boord maakte Apol zo’n 200 tekeningen en aquarellen en schreef hij een reisverslag.  Een deel daarvan is van 19 oktober 2019 tot 1 maart 2020 te zien in Museum Mesdag .

De schoener Willem Barents, waarmee van 1878 tot 1884 zeven Nederlandse poolexpedities werden ondernomen, is in 1878 in opdracht van het Hoofdcomité voor de IJszeevaart van stapel gelopen op de werf Concordia van de firma Meursing & Huygens.

Ons poolschip

Op de werf Concordia, van de firma Meursing & Huygens, gelegen aan de Oostenburger Voorstraat, op Kattenburg, staat sedert het begin van December het schoenerjacht op stapel, waarmede jong-Holland de Nederlandsche vlag weder eens vertoonen zal in die Noordpoolzeeën, waar zij in vroeger eeuwen het eerst en het meest werd gezien.

Het Nieuws van den Dag, 26 februari 1878

De schoener, een bescheiden scheepje van 24 meter lang maar geheel gebouwd en ingericht voor de ijsvaart, is veelvuldig afgebeeld door Apol. Meestal is het schip klein weergegeven in een overweldigend landschap, waarmee de kwetsbaarheid van poolreizigers en de grootsheid van de natuur worden benadrukt.

Trailer van tentoonstelling Louis Apol op Nova Zembla in Museum Mesdag

Werk van Apol is onder andere te vinden in het Rijksmuseum in Amsterdam, het Singer Museum in Laren, het Teylers Museum in Haarlem en in het Gemeentemuseum Den Haag.

Claude Monet aan het Oosterdok

Claude Monet, de bekende Franse impressionistische schilder, heeft tijdens verblijf van meerdere maanden in Nederland 42 schilderijen gemaakt van Hollandse taferelen. Zijn eerste bezoek was een lange periode van juni tot oktober 1871 in voornamelijk Zaandam en kort in Amsterdam. Zijn laatste bezoek was in 1886 op uitnodiging van Nederlandse bewonderaars. 100 jaar na dat laatste bezoek, in 1986, organiseerde het Van Gogh museum een tentoonstelling: Monet in Holland. Onlangs heb ik het gelijknamige boek op de kop getikt en ik zat daar, in voorbereiding op een lang weekend Parijs, eens in te bladeren. Mijn oog viel op onderstaand schilderij. Had ik dit tafereel niet eerder gezien?

Ik herinnerde mij een foto van schepen die zijn afgemeerd in het Oosterdok, waaronder de Merapi, een in 1870 als Anna Elisabeth op werf de Nachtegaal voor W.H. en A.H. Meursing gebouwd zeilschip. De scheepsnaam is duidelijk leesbaar op de achtersteven. Het type en de positie van de schepen, en in het bijzonder de aanwezigheid van roeibootjes, vertoont opvallend veel gelijkenis met het schilderij van Monet.

De foto is echter gedateerd op 1874 terwijl volgens het boek Monet in Holland het schilderij moet stammen uit 1871. Even zoeken op internet leert dat dit doek inmiddels op 1874 is gedateerd. Van begin 1874 zijn er helemaal geen aanwijzingen bewaard gebleven waar Monet zich toen bevond. Monets biograaf Wildenstein komt op biografische en stilistische gronden tot de conclusie dat de Amsterdamse schilderijen in 1874 geplaatst moeten worden en Monet dus in die periode in Nederland was. Dat blijkt onder meer uit het schilderij van schepen in het Oosterdok, geschilderd in een stijl die duidelijk verder is geëvolueerd sinds zijn Zaanse tijd. Ook is het linnen dat Monet gebruikte anders dan dat in 1871 en tonen enkele Amsterdamse doeken winterse taferelen met sneeuw.
Het is dus mogelijk dat Monet in 1874 de op werf de Nachtegaal gebouwde Merapi heeft geschilderd.

Schepen voor anker in het Oosterdok, toegeschreven aan Andries Jaeger, Rijksmuseum.
De haven van Amsterdam door Claude Monet, 1874 (particulier bezit)
Schepen voor anker in het Oosterdok, toegeschreven aan Andries Jaeger, Rijksmuseum.

In de online collectie van het Rijksmuseum vond ik ook nog een andere foto, die ook wordt toegeschreven aan fotograaf Andries Jaeger, met vrijwel dezelfde compositie met schepen in het Oosterdok. Op de plaats waar de Merapi lag ligt nu duidelijk een ander schip. En dat schip vertoont grotere gelijkenis met het schip op het schilderij van Monet. Er werd dus geen schip van de Meursing werven door Monet vereeuwigd?

Bronnen:

Monet in Holland, Uitgeverij Waanders, Zwolle/Rijksmuseum Vincent van Gogh, Amsterdam. 1986.

Rijksstudio, Rijksmuseum

Boek en tentoonstelling over amateurfotografie van 1880-1940

Mattie Boom, conservator fotografie bij het Rijksmuseum en (mede)auteur van verschillende standaardwerken over de geschiedenis van de fotografie, heeft als eerste een uitvoerige studie gemaakt van de vroege amateurfotografie in Nederland. Haar proefschrift is nu in een schitterend uitgegeven en rijk geïllustreerde Engelstalige handelseditie uitgegeven en van 15 februari t/m  10 juni 2019 is in het Rijksmuseum de tentoonstelling Iedereen  fotografeert aan dit onderwerp gewijd.

In het boek en de tentoonstelling laat Mattie Boom de opkomst van de amateurfotografie in Nederland zien: de fotografen, de foto’s, de albums, de sleutelfiguren, de verenigingen en de achtergronden. De amateurfotografie was op dat moment vooral het tijdverdrijf voor welgestelden: heren van stand, freules en zelfs de jonge koningin Wilhelmina.

De foto’s van Jan Frederik Meursing passen goed in dit beeld. Op foto’s in het boek en op de tentoonstelling zijn, net als in de albums van Jan Frederik, veel foto’s te zien van personen en families voor hun fraaie landhuis of grachtenpand, rijke interieurs, tuinen, kinderen, de hond, de jacht, allerlei typen fietsen, dames en heren op de tennisbaan en uitstapjes en reizen.

Mattie Boom signaleert opvallende overeenkomsten met de huidige tijd. Het is opvallend dat mensen ook toen vooral de hoogtepunten in het leven lieten zien en er nauwelijks narigheid op de gevoelige plaat werd vastgelegd. Daarnaast werd het door “iedereen” fotograferen, en vaak met snapshots van bedenkelijke kwaliteit,  ook toen al gezien als een bedreiging voor de professionele fotografie.
Ook opvallend is dat enkele amateurfotografen beelden met bijzonder hoge esthetische en technische kwaliteit maakten.

Jan Frederik wordt, net als zijn broer Herman overigens, in het boek genoemd in de lijst van 1082 amateurfotografen uit de periode 1887-1900 die bij naam bekend zijn. In de lijst met fotoalbums die bekend zijn van de periode 1880-1940 wordt Jan Frederik als op één na eerste genoemd. Zijn oudste album bevat foto’s vanaf 1880, de meeste albums in de lijst zijn van na 1888 als de fotografie met de komst van de Kodak camera (“You press the button, we do the rest”) een stuk eenvoudiger wordt. Jan Frederik bleef voor zo ver is na te gaan zelf ontwikkelen en afdrukken tot het einde van zijn leven (1930).

Het boek ‘Everyone a photographer, The Rise of Amateur Photography in the Netherlands’ van Mattie Boom is verkrijgbaar bij de shop van het Rijksmuseum en bij de boekwinkel. Er is ook een (gratis) podcast over dit onderwerp beschikbaar.

Zie ook de boekbesprekingen in NRC en Volkskrant en bij de NOS:

Foto’s van Wilhelmina, en andere amateurs, NRC 14 februari 2019

#Herkenbaar? Hoe de eerste ‘Instagrammers’ in de 19de eeuw al snapshots en selfies maakten. Interview met Mattie Boom. Volkskrant 14 februari 2019.

De ‘missing link’ van de fotografie: amateurfoto’s van 100 jaar oud. NOS 15 februari 2019

Fietsende Meursing bij oprichting ANWB

1 juli 2018 was het 135 jaar geleden dat de ANWB werd opgericht. Er is ter gelegenheid daarvan een boek verschenen over de geschiedenis van de Algemene Nederlandse Wielrijdersbond.
“Het vertelt het verhaal van hoe een jongensclub van twintig fietsers uit kon groeien tot een toeristenbond met 4,4 miljoen leden”, aldus de ANWB. Eén van die ‘jongens’ was Wicher Hooite jr Meursing (1866-1929), broer van scheepsbouwmeester Jan Frederik Meursing. Op een van de eerste pagina’s staat een grote foto waarop hij geheel links staat met zijn hand aan zijn vélocipède en een kleine signaalhoorn aan een koord op zijn buik.

Foto in ‘Het verhaal van de ANWB’ met geheel links Wicher Hooite Meursing jr

Wicher Hooite jr reed in de jaren 1880 mee met menig wielerwedstrijd, waarvan er diverse op verschillende niveaus en op verschillende typen rijwielen in het land werden gehouden. In oude kranten (Delpher) zijn verslagen en uitslagen te vinden van wedstrijden in o.a. Bussum, Utrecht, Amsterdam, Nijmegen. Wicher Hooite jr won zo nu en dan een wedstrijd, maar behoorde niet bij de grote favorieten die ook internationale wedstrijden gingen rijden.

Algemeen Dagblad 17 juli 1887

Op meerdere foto’s van Jan Frederik staan familieleden met vroege fietsen afgebeeld, waaronder Wicher Hooite jr.

Wicher Hooite Meursing jr werd later directeur van Meursing koekfabriek in Amersfoort.

Briefhoofd van Meursing’s koekfabriek

Postzegels clipper Thorbecke I

Er blijkt een set postzegels te bestaan met als thema de clipper Thorbecke I die in 1875 gebouwd is bij de werven Meursing. Het is een curieus drietal verschillende postzegels, uitgebracht door Grenada in 2009. Het eilandstaatje Grenada, dat ligt in de zuidoostelijke Caribische zee en onderdeel is van het Brits Gemenebest, geeft enorm veel postzegels uit met zeer uiteenlopende thema’s. Zeilschepen zijn overigens een populair thema als afbeelding op postzegels wereldwijd.

De zegels zitten in een zegelvel dat onderdeel uitmaakt van een serie: The world’s most famous ships. Deze is uitgegeven naar aanleiding van Sail 2010. Er komen ook enkele andere Nederlandse clippers in de reeks voor, zoals de Kosmopoliet I (scheepswerf Merwede, scheepsbouwmeester Pieter Blussé), de Voorlichter (scheepswerf Smit te Alblasserdam, scheepsbouwmeester Jan Smit Czn), de Batavier (scheepswerf Smit te Kinderdijk, scheepsbouwmeester Leendert Smit), de Argo (scheepswerf Hoboken te Rotterdam, scheepsbouwmeester Anthony van Hoboken), Philips van Marnix (scheepsbouwmeester Bastiaan Pot), de California (scheepswerf Smit te Slikkerveer, scheepsbouwmeester Jan Smit Fzn) en de Noach (Fop Smit senior), evenals de tussen 1997 en 2000 gebouwde Stad Amsterdam.

De set Thorbecke I bestaat uit twee postzegels met een schilderij van zeeschilder C.A. de Vries van het schip, twee postzegels met een foto van Pieter Oosterhuis van ‘Meursing shipyard’ de Nachtegaal en twee postzegels met een foto van scheepsbouwmeester Wicher Hooite Meursing.

Er is echter iets vreemds aan de hand. Het schilderij is niet van de Thorbecke I (bouwjaar 1875), maar van de Thorbecke (later Sindoro, bouwjaar 1874), zie ook de lijst van schepen.  Beide schepen zijn, evenals de latere Thorbecke II t/m VII, niet op de afgebeelde werf de Nachtegaal gebouwd maar op de werf in Nieuwendam. Deze werf werd toen geleid door scheepsbouwmeester Aalrik Hooite Meursing, en dus niet door de op de zegels afgebeelde broer Wicher Hooite Meursing. De laatste gaf leiding aan werf de Nachtegaal op het Bickerseiland in Amsterdam.

Alle drie de afbeeldingen staan in het boek ‘Nederlandse clippers’ van Ron de Vos (Uitgeverij Van Wijnen, 2003). De maker van de postzegels zal vermoedelijk over dit boek hebben beschikt maar was de Nederlandse taal niet machtig.

Haringvliet op het droge

Het voormalig gasvaartuig van het loodswezen de Haringvliet, waarmee in het begin van de 20e eeuw de verlichting op boeien van gas werd voorzien, wordt door de huidige eigenaar geheel hersteld en omgebouwd tot een varend recreatieschip. De Haringvliet is in 1899 door scheepsbouwmeester Jan Frederik Meursing gebouwd op werf de Nachtegaal als de Zuiderzee.

De Haringvliet op de helling van de Museumwerf in Vreeswijk (Nieuwegein).

In september 2018 lag de Haringvliet op het droge op de dwarshelling van de Museumwerf in Vreeswijk. Daar is onder meer een zwaardhuis ingebouwd. Het is de bedoeling dat het schip weer zeilend wordt, met één mast in plaats van de oorspronkelijke twee masten. Het zwaardhuis, dat is geplaatst in het gedeelte van het schip waar de gastanks in het verleden zaten, moet een zwaard krijgen waarmee de zeileigenschappen van het schip worden verbeterd. De gehele opknapbeurt zal nog enkele jaren duren. Dan zullen er, voor zo ver bekend, vier schepen van de werven Meursing in goede staat in de vaart zijn.